2. Vingerzetting

MB-BB-Ml

Als je op toetsen speelt, gebruik je je linkerhand én je rechterhand.

Daar zijn afkortingen voor.

L.H.  = linkerhand

R.H.  = rechterhand

Je L.H.

Vingers hebben  een nummer. Je duim is nummer 1, je wijsvinger nummer 2 enz.

Die nummers staan boven letters of noten. Dat is de vingerzetting. Met die vinger druk je de toets in.

Je R.H.  

Vingers hebben  een nummer. Je duim is nummer 1, je wijsvinger nummer 2 enz.

Die nummers staan boven letters of noten. Dan weet je met welke vinger je die moet spelen. Dat heet de vingerzetting. Met die vinger druk je de toets in.


Klik op de link voor de volgende oefening